Kritische factor omzeilen – Bereik direct het onderbewuste (19 trucs voor geheugenverlies)

Het bewuste van je client moet je een aantal keren gedurende de coaching afleiden, zodat je direct met het onderbewuste van de client kunt communiceren. Een andere manier om dit te stellen is, dat je de kritische factor omzeilt. Je moet het bewuste bijvoorbeeld op twee momenten afleiden: vlak vóór je iemands overtuiging verandert of een interventie uitvoert, en vlak daarna. In dit artikel vind je 19 manieren om dit voor elkaar te krijgen.

kritische factor omzeilen

De kritische factor omzeilen

De eerste keer leid je het bewuste af, waardoor de poorten naar het onderbewuste wijd open staan. Vervolgens kun je de helende/bemoedigende woorden in het onderbewuste installeren.

Het afleiden van het bewuste zorgt ervoor dat er automatisch geheugenverlies ontstaat. De client vergeet wat er net voor de interruptie gebeurde. Maak dus gebruik van deze geheugenverlies-functie om weer een afleiding te creëren nadat je de bemoedigende/helende woorden hebt geïnstalleerd, zodat de client zich niet bewust is van de interventie die je hebt uitgevoerd. De client kan het zich niet bewust herinneren dus zal ze er ook geen bewuste weerstand voor hebben. Het doel of de genezing kan nu van binnenuit groeien.
Wil je vanwege het geheugenverlies alsnog bewijzen dat de client in trance was, kun je tijdens de oefening bijvoorbeeld de client een schoen uit laten doen.

Daarnaast kun je deze techniek gebruiken om het bewuste juist méér te laten onthouden. Wanneer alles steeds hetzelfde is, hoef je minder op te letten omdat je gewoon verwacht dat het volgende weer hetzelfde is. Juist doordat je de aandacht steeds op andere zaken en gespreksonderwerpen vestigt zal je informatie dynamischer kunnen brengen en daardoor kan je de focus van je gesprekspartners scherp houden.

Je kunt de kritische factor ook op een aantal andere manieren omzeilen of bezighouden waardoor de deuren wagenwijd openstaan voor suggesties:

Belangrijke regel

Het is erg belangrijk dat je deze techniek meteen inzet, zodat de client geen kans krijgt om bewust na te gaan wat er gebeurd is in het moment voordat je de afleiding had ingezet. Wees aan de andere kant ook niet té snel met het inzetten van deze techniek. Laat de client datgene waarvan je de aandacht wil afleiden eerst verwerken, en zet de afleiding daarna pas in. Doe het nét voordat ze iets bewust willen zeggen over wat er net gebeurd was.

1. Praten over afleiding

“Iedereen heeft wel eens ervaren van afgeleid te zijn. Je was aan het praten met iemand over een bepaald onderwerp, en het onderwerp verandert. Waar was je ook alweer over aan het praten? Je weet het niet echt. Het is volkomen natuurlijk om afleiding toe te staan effect op je te hebben. En je staat op een je gaat naar de keuken om iets te halen. Iets verschrikkelijk belangrijks. Als je er bent vergeet je wat je wilde halen, of wat je wilde doen.  Het is niet voordat je weggaat en teruggaat naar de eerste kamer en je herinnert het je opeens weer.”

2. Doorbreken van een patroon

  • Wanneer je de hand van de client schudt, verwacht hij een normale handdruk omdat dat altijd gebeurt. Als je opeens iets heel anders gaat doen terwijl jullie elkaars handen vasthebben, is het patroon doorbroken waardoor de client in de war is, en dus open staat voor iedere vorm van ‘herstel van de orde’, dus iedere vorm van leiding. Het onderbewuste zoekt naar instructies om uit deze ongewone situatie te komen en zal dus iedere suggestie aangrijpen, zolang het maar wat meer zekerheid biedt dan de verrassende situatie die de coach op dat moment heeft gecreëerd.
  • Je kunt ook aankondigen iets te gaan doen, terwijl je in de praktijk iets anders gaat doen of datgene eerder gaat doen. Bijvoorbeeld: als je zegt dat je tot 10 gaat tellen en bij 10 “Ga in trance” gaat zeggen, kun je dat in de praktijk al bij 6 doen om het bewuste van de client daadwerkelijk van zijn appropo te brengen.
  • Je vertelt de client dat hij tegen je hand aan moet drukken, en na een paar keer geef je keen weerstand meer maar ga je met de kracht van de cliënt mee in de richting waarin de cliënt drukt.
  • Je houdt bijvoorbeeld de rechter hand van de client omhoog en wijst ernaar, laat de client naar haar rechter hand kijken en focussen, en vertel uiteindelijk dat de client op iets heel anders mag focussen: “Je mag focussen… al je aandacht focussen, al je aandacht focussen, al je aandacht focusesn, al je aandacht… op mijn linker oog…”

3. Andere ruimte, plaats en tijd

  • Leid af naar een andere ruimte, plaats en tijd. Bijvoorbeeld door een verhaal of metafoor te vertellen of door het over een andere herinnering te hebben. Als je een verhaal of een anekdote vertelt ben je de persoon in een andere locatie en tijd aan het brengen, waardoor ze niet kritisch hoeft na te denken. “Ik neem je mee naar een tijd in het verre verleden, in land hier ver vandaan.”

4. Een ander gespreksonderwerp

  • Een ander onderwerp om op te focussen. Stel hierbij bijvoorbeeld een open vraag.
  • Een docent geeft het huiswerk op en wisselt daarna abrupt van onderwerp. De leerlingen zullen het zich niet bewust herinneren, dus ze zullen er geen bewuste weerstand tegen hebben. Ze zullen het huiswerk wel maken.

5. Een ‘vreemd’ ander gespreksonderwerp

Zeg iets dat helemaal niks met het huidige onderwerp te maken heeft en zeg het serieus, betekenisvol en absoluut congruent. De client probeert de betekenis, die ze niet kan begrijpen omdat die er niet is, alsnog te begrijpen.

  • Midden in een gesprek kun je het opeens over een willekeurig ander onderwerp hebben, zoals het checken van de remmen van je auto bij het rijden op bergachtige wegen. Ga er heel congruent, heel gedetailleerd erop in. Je kunt overal mee wegkomen als je het congruent doet.
  • Weet je, ik weet echt niet waar die vogel vandaan kwam. Eerst vloog hij naar links, en daarna vloog hij helemaal naar rechts en daarna cirkelde hij rond, en toen… ik weet niet waar hij toen naartoe ging.
  • Ik hou ook niet van de sneeuw als ik met de trein moet reizen.

6. Een ander voorwerp of persoon

Je gaat abrupt de aandacht op iets anders richten. Wijs naar iets in de omgeving. Als je van interne naar externe ervaringen schakelt wordt de aandacht gefractioneerd. Laat de client focussen op een willekeurig detail.

  • Bijvoorbeeld nadat de cliënt haar ogen opent. “Merk op hoe stil het is in de kamer.”
  • Merk het gevoel in je voet en welke lichter is.

7. Een andere emotie

  • Een andere emotie om op te focussen. Fractioneren: als je steeds van emoties wisselt wordt de aandacht enorm afgeleid.

8. Humor

Humor is een geweldige manier om de aandacht af te leiden. Bijkomend voordeel is dat dit meteen een bronvolle state veroorzaakt, namelijk eentje waarin gelachen wordt.

9. Verander van representatiesysteem

Leid de client met je handen naar een andere oogrichting dan waar de informatie bewaard is. Zo kan de client niet meer in dat deel van haar denken zoeken waar bepaalde informatie opgeslagen is. Het tegenovergestelde kun je ook doen als je juist makkelijker info wilt opzoeken.

Geheugenverlies: zwaai de beelden weg waar mensen naar kijken. Met je hand voor hun gezicht. Eventueel kun je de positieve beelden over een persoon of voorwerp heen trekken.

10. Heel rare dingen

  • Mijn god, er groeit een olifant uit je paarse top (de client draagt een heel andere kleur).
  • Ik weet wat je aan het denken bent: ik houd ook van rode kool.

11. Veranderen van waarnemingpositie

Laat de client een ander perspectief aannemen.

12. Praten over de leercapaciteiten

  • Je kunt de kritische factor ook uitschakelen door te vertellen over hoe de cliënt nog lang niet uitgeleerd is, of door te vertellen dat ze als kind onbewust zoveel leerde.

13. ‘Wat is dat?’

  • Door te doen alsof je naar iemand achter de client kijkt. Knijp je ogen daar ook bij.

14. Dubbel negatief

“Ik heb niet een auto die het niet doet. Ik kan niet een auto niet hebben die het niet doet en jij kan beter dan nu gaan ontspannen nu (dat laatste is de suggestie) (van snel naar langzaam).

15. Doorbreken van het patroon

  • Milton Erickson had een keer een vrouw in de zaal die met opzet in volledig paars was gekleed omdat ze rekening hield met de kleurenblindheid van Erickson. Paars is namelijk de enige kleur die hij wel kon herkennen. Erickson vertelde de vrouw: “Ik heb geen idee welke kleur jurk je draagt, zou je het mij kunnen vertellen?” Ondertussen kon hij de kleuren van de kleren van alle andere mensen wel opnoemen. Haar verwachtingspatroon was doorbroken en de vrouw raakte hierdoor meteen in een trance.
  • In de wachtkamer van de therapie-praktijk kan je het beste observeren in wat voor patronen de clienten verzeild raken, omdat de clienten dat niet verwachten. Zet er dus een camera neer.

16. Overload van de kritische factor

Een overload van de kritische factor van een persoon laat je vooraf gaan aan andere technieken en oefeningen. Als de kritische factor simpelweg teveel informatie te verduren krijgt zal het dermate bezet zijn dat het niet meer kan functioneren als afweermechanisme tegen bijvoorbeeld embedded commando’s. Zodra dat is gebeurd kun je meteen doorgaan met je gewenste eindresultaat te presenteren.

  • Met details, zoals veel cijfers of feiten die ze moet onthouden. Of namen en hun familierelaties, hun (karakter)eigenschappen, kleuren, statistieken etc.
    “Mijn vriend John, met wie ik in 1983 op de opleiding in Utrecht had gezeten, ging op vakantie met mij vorig jaar, en hij ging op de derde dag naar het strand om zijn broer te ontmoeten die Pieter heet en een 43 jaar oude vissersvloot bezit. En op die vissersboot, die Marie Celesta heet, heeft hij een werknemer werken die David heet, en Davids zus Debbie is een heel interessant persoon want zij groeide op in een huishouden waar de ouders altijd zeiden: ontspan je… voel je rustig en op je gemak. En ik heb Marie altijd als een ontspannen persoon gezien.“
  • Je kunt ook alle 3 de representatie systemen aan het werk zetten. Je kunt de client bijvoorbeeld laten aftellen van 100 naar 1 in stappen van 3 tellen. Daarbij laat je haar meetikken en alle cijfers visualiseren. Bij iedere 3 tellen moet ze een nieuwe kleur zien.“Met ieder nummer ga je dieper.”
  • Doordat je in je verhaal herhaaldelijk wisselt tussen het verleden, het heden de toekomst en het nu, verwar je de client ook.
  • Je kunt ook veel vooronderstellingen gebruiken een voor overflow van de kritische factor. Hoe meer vooronderstellingen in een zin, hoe meer er vooronderstelt wordt, hoe moeilijker voor de luisteraar om het te ontrafelen.
    “En ik weet niet hoe snel je gaat realiseren wat je onderbewuste al heeft geleerd,  want het is niet belangrijk dat je dat weet voordat je…”
  • Je kunt ook een moeilijke fysieke taak aan de client geven. Laat hem bijvoorbeeld je hand volgen, niet alleen met zijn ogen maar ook met zijn hoofd, terwijl je met je andere hand ook een van zijn handen vastpakt om zijn armen ook te bewegen.

17.  Verwarring

  • Aanraken en opnoemen van zijn vingers. Hij moet fouten opsporen. Je noemt zijn ringvinger bijvoorbeeld zijn pink. Maak steeds meer fouten.
  • Verwarring opwekken met onwaarheden: “Een stoel kan gevoelens hebben….”
    “Er zijn 3 dingen (laat voor de zekerheid zien met vingers) om te onthouden. Het tweede is…”
    “Vertel nog eens over je 2 kinderen en je nieuwe baan bij Philips!” (In werkelijkheid heeft ze geen kinderen en had ze een totaal andere baan.)
  • En als je vergeet te onthouden dat je moet onthouden wat je wil vergeten te onthouden van alle dingen die je wil onthouden.
  • Reik de client een willekeurig object aan. Loop daarna weg.
  • Je kunt straatpromotors verwarren door precies datgene wat ze aan je aandelen, terug aan te bieden aan de promotor. Ze proberen te verwerken wat er aan het gebeuren is, voordat ze bedenken dat ze dat niet willen.
  • Wanneer je mensen voor de allereerste keer ontmoet, kun je zeggen: “Leuk je weer te zien!”

18. Laten we even pauzeren

Je kunt ook de interventie bij de client doen wanneer ze het totaal niet verwacht: “Goed, laten we even pauzeren.” Nu verwacht ze niet meer dat je therapeutische oefeningen met haar aan het doen bent, dus dit is het moment om toe te slaan.

19. Ambiguities

Ambiguities zorgen ook voor verwarring, maar op een erg leuke manier. Bekijk dit verhaal van Ravisie. Dit is een erg makkelijke en leuke techniek om mee te experimenteren. Ambiguities sluiten mooi aan bij de overload van de kritische factor omdat ze onder andere voor verwarring gebruikt kunnen worden, waardoor de kritische factor beziggehouden wordt. De deuren zijn dan wagenwijd open.

Dubbele betekenis

Een soort van ambiguities is wanneer twee woorden met verschillende betekenissen hetzelfde klinken.

  • moed en moet
  • ijs en eis
  • houd en hout
  • leiden en lijden
  • licht en ligt

Prime/seed je ambiguity in je cliënt voordat je hem gaat uitvoeren. Stel dat je van de dubbele betekenis van het woord ‘bloem’ gebruik wil maken. Zorg er dan voor dat je van te voren over bakken en taarten praat om vervolgens over ‘bloem’ als in een tuin te praten voor de verwarring. Benadruk het woord waar je gebruik van wil maken om de dubbele betekenis die het heeft.

Onduidelijke context

Als de betekenis of de toebedeling van een woord niet meteen bepaald kan worden door de context, de andere woorden in de zin.

  • “Sprekend tot jou als iemand die van goede gevoelens houdt/heel erg van leren houdt/graag investeert in leren.”
  • “Sprekend tot jou als iemand die geïnteresseerd is in hypnose.”

Einde van een zin = begin van volgende zin:

  • Het is zo dat ik snel mensen ver-geef me dat glas.
  • Je kan ontspannen-nu… is het tijd om te…
  • Ik had me vanochtend verslapen dus ik kon het nieuws niet meer lezen op het internet en dat vond ik jammer want het nieuws is iets wat ik graag volg…. De vinger… terwijl het leidt naar….
  • “Wanneer je veel verdient, word je ….reik mij dat glas even aan.”
  • “Denk je dat de bui voorbij … trekt … hij bij je in?”
  • “Ik vind het fijn hoor al die mooie betogen
  • …je bent. Onbewust… Voorbeeld: “Meestal hangt dat af van hoe oud je bent. Onbewust houden ze daar rekening mee.
  • “Ik was laatst met een vriend bij {concert naam}. Dat concert was echt super leuk, ben ik er later achter gekomen dat ik mijn mobiel daar vergeten was.”
  • Denk aan al die goede dingen die jij word, heel gelukkig hier en nu zijn is iets heel moois.
Dankje voor het lezen! Reageer even hieronder & deel dit met je vrienden! Ook geef ik je graag een cadeau: je mag mijn Praktische Mindfulness Training gratis hebben. Klik hier om toegang te krijgen.

Laat een reactie achter!

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *