Overtuigingen: belemmerende ombuigen in bekrachtigende

Hoe kun je belemmerende overtuigingen ombuigen in bekrachtigende overtuigingen? En wat zijn overtuigingen eigenlijk? In dit artikel vind je een heldere uitleg.

Wat zijn overtuigingen?

Overtuigingen zijn een van de filters waarmee we de wereld ervaren. Om precies te zijn: overtuigingen zijn generalisaties. Ze bepalen wat we als mogelijk en onmogelijk ervaren en we vertrouwen erop dat ze waar zijn. Echter, zijn ze wel de waarheid? Het zijn ‘maar’ overtuigingen en niet absoluut waar en in steen geslepen. Bovendien is ieder moment nieuw en zijn wij ieder moment nieuw. Overtuigingen worden in stand gehouden maar het verleden is niet gelijk aan de toekomst…

Daarnaast kun je een tweedeling maken: we kennen bevorderende overtuigingen en belemmerende overtuigingen.

Overtuigingen zijn generalisaties, maar waarover?

Overtuigingen zijn (onbewuste) generalisaties over…

  • oorzaken;
  • bedoelingen;
  • betekenissen;
  • grenzen;
  • en beperkingen

…Met betrekking tot:

  • de wereld om ons heen;
  • specifiek gedrag;
  • capaciteiten;
  • identiteit;
  • en zingeving.

Voorbeelden van (beperkende) overtuigingen

Voorbeelden van beperkende overtuigingen zijn:

  • Ik kan mijn dromen niet navolgen want ik ga er misschien in falen.
  • Ik zie er niet mooi uit, ik kan niet presenteren voor groepen.
  • Wat ik te zeggen heb is niet belangrijk.

Hoe spot je nog meer voorbeelden van overtuigingen? Geen zorgen: verderop in dit artikel leer je precies hoe je overtuigingen herkent en opspoort! Eerst moeten we ingaan op waarom overtuigingen zo belangrijk zijn…

Overtuigingen beïnvloeden vaardigheden, gedrag en omgeving – Daarom zijn ze zo belangrijk

belemmerende overtuigingen2

Als je er écht van overtuigd bent dat je geen leuk mens bent, dan is dat voor jou de realiteit. Ook al zeggen 100 mensen dat je wel een leuk mens bent, dat zal niet tot je doordringen. Of als je er echt van overtuigd bent dat je wel een leuk mens bent, dan is dat jouw realiteit en zal het je niks doen (het dringt niet door) als 100 mensen zeggen dat je geen leuk mens bent. Je overtuigingen sturen dus je selectieve perceptie.

Ook wordt dit ‘confirmation bias’ genoemd: je gaat op zoek naar wat jouw overtuiging ondersteunt (deductie). Als je overtuiging is dat je voor het geluk geboren bent, zie je het overal. Als je voor het ongeluk geboren bent, zie je dat ook overal. Ook op talloze andere manieren beïnvloeden overtuigingen de lager gelegen logische niveaus.

Iedereen heeft zijn eigen overtuigingen, en die zijn niet de waarheid.

Nu we dit weten over overtuigingen, kunnen we alvast een conclusie trekken…

Een conclusie die we nu alvast kunnen trekken, is dat wanneer je bijvoorbeeld je gedrag wil veranderen of verbeteren, het zinvol kan zijn om te onderzoeken welke overtuigingen je hierover hebt. Je overtuigingen bepalen hoe je filtert: ze bepalen je weglatingen, vervormingen en generalisaties.

Ik luister nooit naar iemand die uitlegt waarom je iets niet kunt.
– Michael Caine

Veel overtuigingen zijn ontstaan toen je 0-7 jaar was (de imprint-periode)

overtuigingen

Als een kind in de kleuterklas kleurtjes mag kiezen om te gaan tekenen, en het doet er een beetje lang over, wat doet het dan met het kind als de meester zegt: ‘Hier! Jij kunt geen keuzes maken. Neem deze!’ Een juf hoeft tijdens het zingen met de klas maar te zeggen: ‘Pak jij maar een tamboerijn om er twee keer per minuut op te slaan. Ga jij maar achterin staan, dan kunnen we de kindjes die wel goed kunnen zingen, beter horen.’

Als je tijdens de imprint-periode een groep kinderen vraagt: ‘Wie kan er heel goed zingen/tekenen?’ Dan roept iedereen enthousiast: ‘Ik, ik, ik!’ Stel je deze vraag aan een groep volwassenen, gaat er misschien een hand omhoog…

Hoe spoor je overtuigingen op?

Onderstaande technieken én de technieken die verderop in dit artikel staan, vinden hun oorsprong veelal in het boek van Robert Dilts: ‘Verander je Overtuigingen’ (via Bol.com). Dit boek wordt aanbevolen als facultatieve en vaak zelfs verplichte literatuur bij NLP-opleidingen. Een aanrader als je alles wil weten over overtuigingen!

Wil je bij jezelf of bij een ander overtuigingen opsporen? Richt je dan op de volgende zaken:

  • Een zich steeds herhalend gedrag (patroon) dat een voorbeeld is voor de overtuiging.
  • Incongruenties.
  • Iets dat de ander wel wil, maar niet doet. Iets dat steeds niet lukt.
  • Een aarzeling tijdens het beantwoorden van de vraag. Ook wanneer de ander denktijd nodig heeft of weerstand vertoont, weet je dat je op de goede weg zit voor het opsporen van een overtuiging.
  • Let op de volgende uitspraken: ‘Dit lijkt nergens op, maar…’ ‘Ik weet niet wat me tegenhoudt.’ ‘Dit is niet zoals ik ben.’
  • Bestudeer het Milton Model en let in de taal van de andere persoon op modale operatoren van onmogelijkheid en noodzaak, complexe equivalentie, een oorzaak-gevolg.
  • Een zelftest. Deze wordt uitgebreid behandeld in de NLP Practitioner-opleiding van UNLP.
  • Stel de vraag: ‘Hoe zou je je gedragen als je {gewenste uitkomst} nu had? Kun je doen alsof? Waarom niet?’ Let hierbij op beperkende overtuigingen en beslissingen!
  • Stel de volgende vragen om belemmerende overtuigingen op te sporen:
    – Op welke manier denk je dat je onrealistische verwachtingen over jezelf hebt? (Maak een lijst)
    – Op welke manier ben je te streng voor jezelf? (Maak een lijst)
    – Wat moet je altijd doen? (Maak een lijst: ‘Ik moet altijd…’ en ‘Ik moet nooit…’
    – Wat houdt je tegen?
    – Op welke manier(en) houd je jezelf tegen?
    – Wat ben je aan het ontwijken?
    – Welk gevoel ben je aan het ontwijken, zodat je het niet hoeft te voelen? Op welke manier heeft dit ontwijkgedrag invloed op je leven?
    – Wat zou de ergste beledeging zijn die iemand naar je kan gooien?
    – Als ik je gevoelens echt zou willen kwetsen, wat zou ik dan moeten zeggen?
    – Waarover schaam je je om ernaar te kijken, waardoor je gestopt wordt om … te doen?
    – Welke regels heb je over hoe je je zou moeten gedragen, waardoor je jezelf in de weg staat om voorwaarts te kunnen gaan?
    – Waar geloof je in, waardoor je beperkt wordt om volledig jezelf te zijn?

De structuur van de overtuiging

overtuigingen

Bovenstaand model kun je gebruiken om de structuur van een overtuiging in kaart te brengen. Daarvoor kun je gewoon de vragen stellen die in het model staan. Heeft iemand bijvoorbeeld de overtuiging: ‘Marokkanen zijn niet te vertrouwen,’ dan kun je beginnen door naar het verschijnsel te vragen: Hoe weet je dat? Wat gebeurt er dan precies? En vanuit daar kun je de pijlen volgen en de andere vragen stellen.

Hoe verander je overtuigingen?

belemmerende overtuigingen2

Overtuigingen kun je op twee manieren veranderen: gewoon in een gesprek of in een formele oefening.

Overtuigingen veranderen in een gewoon gesprek (omdenken)

Laten we beginnen met hoe je in een gewoon gesprek overtuigingen kunt veranderen. Je kunt het artikel over omdenken gebruiken om het verschijnsel, de betekenis of de criteria te herkaderen (dit zijn de drie elementen uit het model van de vorige paragraaf). Een aantal voorbeelden van deze omdenk-herkaderingen zijn:

  • Wat is de positieve intentie van deze overtuiging? Waar wil dit gevoel je voor beschermen? Wat wil het je vertellen?
  • Wat doet deze overtuiging voor jou?
  • Hoe dient het je?
  • Hoe kun je de positieve intentie op een andere manier bevredigen, zonder deze overtuiging nodig te hebben?
  • Op welke manier heeft dit invloed op je leven?
    Op welke manier is deze overtuiging/gebrek aan geloof in jezelf je duur komen te staan?
  • Wat gebeurt er wanneer je dit blijft geloven (over een jaar)?
  • Gebruik metamodel-vragen om de overtuiging te ontkrachten: wie zegt dat? Volgens wie? Hoe weet je dat dat waar is? Welk concreet bewijs heb je om deze overtuiging te onderbouwen? Welke criteria gebruik je?
  • Ben jij dat of is dat je gremlin, die aan het praten is?
  • Wie zou je zijn zonder die gedachte?
  • Waar kwam deze overtuiging vandaan?
    Wie gaf je deze overtuiging? Hoe voel je je nu over deze persoon? Respecteer je hem?
    Is deze overtuiging vandaag nog steeds geldig? Is het zinvol om hem nog steeds te geloven?
  • ‘Het lukt me gewoon niet om me vrolijk te voelen.’ ‘Wanneer besloot je dat?’
  • Was er een punt in je leven waarin iemand tegen je zei dat het niet oké is om…?

Overtuigingen veranderen in een formele techniek

Daarnaast kun je formele technieken gebruiken. Een groot aantal NLP-technieken brengen een verandering tot stand in de overtuigingen van een persoon.

  • De meest voor de hand liggende techniek is mapping across.
  • Het congruent maken van de logische niveaus lost dit ook op.
  • Daarnaast kun je de 6-stapsherkadering gebruiken om de positieve intentie van de overtuiging op een andere manier te bevredigen.
  • Ook Change personal history/reimprinting kun je gebruiken om op die manier naar het ontstaan van de overtuiging te gaan.
  • Time Line Therapy bevat een speciale techniek voor beperkende beslissingen.
  • Het integreren van delen is erg geschikt voor wanneer een overtuiging soms van kracht is en soms niet.
  • Zelfs technieken zoals het metamodel dienen hiervoor. Hiermee ontkracht je de overtuiging.
  • Hieronder vind je een uniek model om overtuigingen te veranderen: het hoefijzermodel.

Beperkende overtuigingen vernietigen met het hoefijzermodel

overtuigingen

Deze oefening heet Het Hoefijzermodel van Dilts, want een hoefijzer staat voor geluk. Hiermee gaan we die vervelende, zelf-saboterende, beperkende overtuigingen stukmaken en we gaan er iets fijns ervoor in de plek zetten zodat het vacuüm niet opnieuw gevuld wordt met een beperkende overtuiging.

Eigenlijk gebeurt dat met deze methode nog op een vriendelijke manier, want we laten de beperkende overtuiging gewoon intact. We duwen hem enkel naar achteren op onze tijdlijn zodat we nu weten dat we die beperkende overtuigingen ooit wel hadden, maar nu niet meer. We halen zelfs een overtuiging die super welkom is naar het nu om de plek in te nemen van die vervelende herinnering.

Geloven, ooit geloofd en willen geloven zijn de drie soorten overtuigingen waar veranderingen plaats gaan vinden. Daartussen zitten tussenstappen om de overgang makkelijker te maken. Dit zijn open om te twijfelen en open om te geloven. De oefening komt neer op het volgende:

De stappen van het Hoefijzermodel

2010

De vijf posities

  • Willen geloven: wat zou je graag willen geloven (toekomst), wat je nog niet gelooft?
  • Open om te geloven: wat begin je te geloven, hoewel je nog twijfelt?
  • Ooit geloofd: wat heb je ooit geloofd (verleden), maar is iets dat je nu al lang niet meer gelooft?
  • Geloven: wat is iets waar je (nu) vast en zeker in gelooft?
  • Open om te twijfelen: wat geloof je nog wel min of meer, maar daar ben je niet zo zeker meer van?

De oefening van het hoefijzermodel voorbereiden

Voordat je de veranderingen gaat invoeren, bereid je de oefening voor door alle posities van het model te verankeren. Ga daarvoor op alle posities staan en denk bij iedere positie aan een overtuiging die erbij hoort. Deze gevoelens dienen als anker voor wanneer je de interventie gaat doen. Bij ooit geloofd denk je bijvoorbeeld: “Ik ben 13 jaar oud.” Bij open om te twijfelen denk je bijvoorbeeld: “Ik weet nog niet of ik deze zomer op vakantie ga.” Maak goed contact met open om te twijfelen. 

Droom Leef Geniet Aanbieding

Doe hetzelfde bij alle andere plaatsen in het model. Kies een bijpassende overtuiging voor iedere soort en veranker het op die plaats. De oefening is voldoende voorbereid als het bijpassende gevoel van de verschillende types overtuigingen direct weer naar boven komt als je op een bepaalde positie gaat staan.

De interventiestappen van het hoefijzermodel

Nu kunnen we beginnen met de veranderingen door te voeren. Identificeer eerst de beperkende overtuiging die je weg wil hebben en de positieve overtuiging die ter vervanging dient. Bijvoorbeeld: “Nu geloof ik dat ik niet interessant genoeg ben, en ik wil in plaats daarvan geloven dat ik interessant ben!” Op dit moment zit de beperkende overtuiging bij geloven omdat je daar helaas nu nog in gelooft. Dat is de rode cirkel in de afbeelding. Ook zit op dit moment de positieve ervaring nog in de toekomst, bij willen geloven. Daar gaat nu verandering in komen.

  1. Ga op geloven staan en breng de beperkende overtuiging van het nu (geloven) een stukje naar het verleden, naar open om te twijfelen.
  2. Er is in het nu, bij geloven, een vacuüm ontstaan waar eerst die beperkende overtuiging zat. Vul deze op met de gewenste, positieve overtuiging die nu nog in de toekomst zit, bij willen geloven. Ga in de toekomst staan bij willen geloven en haal die gewenste overtuiging naar open om te geloven. Straks keren we hier terug om hem helemaal naar geloven te brengen, in het nu.
  3. Aan de andere kant hadden we de ongewenste overtuiging bij open om te twijfelen laten liggen. Die gaan we verder verhuizen naar ooit geloofd, waardoor het verleden tijd wordt. In het verleden heb je van alles geloofd wat je nu niet meer gelooft, zoals in Sinterklaas. Welkom in het museum van oude overtuigingen. Zet hem er maar mooi neer in de hal, in je eigen museum. Voel hoe het is als je helemaal niet meer gelooft dat je niet interessant genoeg bent.
    ‘Hoe zou het zijn als je de overtuiging dat je niet interessant genoeg bent met een vrachtauto naar het verleden zou brengen, zodat het daar samen is bij al je andere oude overtuigingen?’
  4. Weer naar de andere kant. Daar voltooien we de oefening door de gewenste overtuiging, die we bij open om te geloven hadden laten liggen, verder naar geloven te brengen. Naar het nu dus.
    ‘Geloof het. Voel dat diep van binnen. Voel hoe het is als je zeker weet dat je interessant bent!’

Dat waren de stappen van het hoefijzermodel voor overtuigingen. Wil je je verder verdiepen in overtuigingen? Dan is ‘Verander je Overtuigingen’ (via Bol.com) van Robert Dilts verplichte kost.

Tot slot hebben we nog gratis bronnen voor je

Gerelateerde artikelen: ook interessant?

Bedankt voor het lezen. Reageer even hieronder en dan zal ik reageren. En... sharing is caring!